9/11: hoe ik het vernam
Ik genoot van mijn laatste van drie maanden universitaire vakantie, voor het eerst (en overigens voor het laatst). Ik ging zoals elke dag met de hond (toen deed-ie het nog) wandelen – ons pact: kon hij zijn ding doen en kon ik roken en een krant gaan halen (De Standaard, toen nog broadsheet). Terugkeer steevast bij het begin van het culturele namiddagprogramma “Dito” op Radio 1 – met de zoetgevooisde Geertje De Ceuleneer. Bij terugkeer iets na drieën bleek het nieuws nog aan de gang. Of toch niet? Geertje in directe verbinding met NY waar er iets met een vliegtuigje en een toren was gebeurd. Die namiddag ontstond de reflex van het komende lustrum: ’s ochtends even de televisie aan, VRT-teletekst, daarna het grote werk: BBC World en CNN (nu bestaat de reflex na het ontwaken om online te vergewissen dat de wereld ook vandaag nog niet vergaan is). Ik zag (denk ik althans) rechtstreeks het tweede vliegtuig zich in toren #2 boren. Op de radio ondertussen Greet Dekeyzer die vanop haar terras in Washington DC meegeeft een grote explosie te horen. En zo begonnen uren verbaasd, vertwijfeld en verdrietig televisiekijken. Toen de avond was gevallen belde vader vanuit de auto, in de file in Brussel. Vertwijfeling in zijn stem – hij voelde de nood om naar het thuisfront te bellen. De weg naar de NAVO was afgezet, gebouwen waren geëvacueerd, veiligheidsdiensten namen ongeziene maatregelen. En hij had nog geen enkel beeld gezien: enkel de onwerkelijke beschrijvingen gehoord op de radio en van collega’s. Op tv stapte Verhofstadt uit een vliegtuig en hield als voorzitter van de EU een toespraak op de tarmac van Melsbroek. Louis Michel naast hem. Amerikanen in Engeland staan met de hand op het hart in onmacht te janken aan de hekkens van Buckingham Palace wanneer tijdens het wisselen van de wacht als hommage voor het eerst de Star Spangled Banner wordt gespeeld.
Tegen de late avond viel de aanhoudende stroom van nieuws stil en draaide op herhaling. Het begon binnen te dringen. Het stof dwarrelde nu neer. Ik kon niet wijken van voor het televisiescherm, leefde 48 uur op Amerikaans ritme. Jaren later hoor je in Amerikaanse films en sitcoms terloops een cryptisch zinnetje als “my brother was on the second plane” of “she was killed in the first tower”. De context daarvan is nu al aan het vervagen en voor diegenen die tien jaar geleden niet bewust hebben meegemaakt wordt het stilaan nonsensicaal.
